De lithograaf bewerkt de stenen op een schuur- of slijptafel.

Indien er nog een zichtbare geinkte prent op de steen staat wordt deze best eerst verwijderd met een aangepast oplosmiddel. Daarna start een ‘grove’ schuring met zand. Dit is nodig om de zogenaamde ‘geest’ van de vorige tekening uit de steen te halen. Deze geest is de dieper liggende vette laag die de vorige tekening achterliet. Dit schuren gebeurt met een tweede steen (dus twee vliegen in één klap) of met een speciale ronde slijpschijf of -loper. Men voegt water toe aan het slijpmiddel en maakt een achtvormige beweging.

Daarna vijlt de de steendrukker de randen van de steen. Vervolgens gebruikt men siliciumcarbide of aluminiumoxide met een steeds fijnere korrel om de steen zo glad mogelijk te krijgen. Meestal begint men met een korrel van om en bij de 80, dit is een grove korrel, om via 150 tot 240 te komen. Hoe fijner de korrel, hoe fijner de grein die men uiteindelijk op het steenoppervlak krijgt.

siliciumcarbide, steen en schuurtafel

Siliciumcarbide, steen en schuurtafel (© R. De Graef)

Ronald schuurt een steen op (© R. De Graef)

Work in progress! Alle onderdelen van deze website worden gedurende het tweejarig traject continu aangepast op basis van de opgedane ervaringen.

Bekijk ook